Waterkwaliteit in landbouwgebied verbetert verder

De VMM publiceert vandaag de nieuwste resultaten van haar onderzoek naar nutriënten in oppervlaktewater en grondwater in landbouwgebieden. De cijfers voor 2024-2025 tonen een duidelijke daling van het aantal overschrijdingen van de nitraatdrempelwaarden, zowel in oppervlaktewater als in grondwater. Dit zijn de beste resultaten voor oppervlaktewater ooit. Toch zijn de doelen nog niet bereikt: regionale verschillen en de impact van wisselende weersomstandigheden vragen om blijvende inspanningen.

Grondwater
Kwaliteit waterlopen

Deel online

facebookLinkedInTwitter

Oppervlaktewater

Het percentage meetpunten met een overschrijding van de drempelwaarde van 50 mg nitraat/l in oppervlaktewater is in 2024-2025 gedaald naar 11,5%. Dit is het laagste percentage sinds het begin van de metingen in het MAP-meetnet. Dit is te wijten aan de grote inspanningen van de land- en tuinbouwers, en aan de gunstige weersomstandigheden. Hoewel de resultaten goed zijn, blijft bij iets meer dan 10% van de MAP-meetpunten een openstaande doelstelling bestaan. Het is daarom belangrijk dat land en tuinbouwers de huidige inspanningen blijven volhouden en het zevende mestactieplan uitvoeren.

Ook voor orthofosfaat is er een verbetering: 48% van de meetpunten voldoet aan de milieukwaliteitsnorm. Voor de helft van de meetpunten is een blijvende inspanning nodig om de norm te halen.

Grondwater

De nitraatgehalten in het ondiepe grondwater in landbouwgebied vertonen een sterke afname ten opzichte van de piekconcentraties in 2022. In 2024 overschreed gemiddeld iets meer dan 33% van de meetputten de norm van 50 mg nitraat/l, wat een aanzienlijke verbetering is ten opzichte van de voorgaande jaren. De gewogen gemiddelde nitraatconcentratie op het meest ondiepe filterniveau daalde tot 33 mg nitraat/l. Deze dalende trend moet zich de komende jaren doorzetten om van een structurele daling te kunnen spreken.

De respons van het grondwatersysteem op beleidsmaatregelen verloopt eerder traag. De gunstige evolutie van de meetresultaten wordt deels beïnvloed door klimatologische factoren, zoals de uitzonderlijk natte omstandigheden in 2024. Regionale verschillen zijn duidelijk: de kuststreek en het zuidelijke deel van Antwerpen scoren goed, terwijl Noord-Limburg, de omgeving van Brussel en Leuven, en delen van Oost- en West-Vlaanderen extra aandacht verdienen.

Deze resultaten tonen dat onze gezamenlijke inspanningen voor een betere waterkwaliteit in landbouwgebieden vruchten beginnen af te werpen.
Jo Brouns
Vlaams minister van Omgeving en Landbouw

"Maar we zijn er nog niet: de regionale verschillen en de invloed van het weer maken duidelijk dat we moeten blijven inzetten op innovatie, samenwerking en een duurzaam mestbeleid. Het is door de landbouwers dat we deze positieve resultaten kunnen voorleggen. We moeten de huidige inspanningen volhouden om deze dalingen te kunnen aanhouden", aldus minister Brouns.

Meer informatie

Blijf je graag op de hoogte?

We maken maandelijks voor jou een selectie van de belangrijkste nieuwsberichten op maat van de milieuprofessional.

Schrijf je in op de nieuwsbrief