Naast het opvolgen van de algemene luchtkwaliteit in Vlaanderen, voert de VMM bijkomende gebiedsgerichte metingen uit voor stoffen zoals zware metalen, dioxines en PCB's, PAK’s, VOS, PFAS en UFP. De VMM brengt deze lokale problematieken van luchtvervuiling in kaart en pakt deze aan via samenwerkingen met gemeenten, bedrijven, sectorfederaties en andere Vlaamse overheidsinstellingen.
Verhoogde arseenconcentraties in Hoboken en Beerse
Voor zware metalen was er in 2025 alleen nog een overschrijding van de Europese streefwaarde van arseen op twee meetplaatsen in Hoboken. De arseenconcentraties blijven in deze regio de laatste vijf jaar stabiel. Ook in Beerse werden verhoogde arseenconcentraties gemeten, maar liggen de jaargemiddelden onder de Europese streefwaarde.
Benzo(a)pyreen nam sterk toe
De uitstoot van PAK’s is sterk seizoensgebonden en piekt in de winter door houtstook. Een droog voorjaar met weinig wind zorgde ervoor dat de uitstoot minder verdund werd dan de vorige jaren. Dit had een grote invloed op de jaargemiddelden, die op enkele plaatsen zelfs verdubbelden.
PFAS: maatregelen bij 3M werpen hun vruchten af
Sinds 2021 voert de VMM PFAS-metingen uit nabij 3M in Zwijndrecht. In 2023 werd een verhoogde PFOS-verontreiniging in de lucht vastgesteld nabij het bedrijf. De overheid ondernam actie om de verontreinigingsbron te identificeren en onder controle te krijgen. Hiervoor werden bijkomende maatregelen opgelegd aan 3M. De waterzuiveringsinstallatie van 3M werd geïdentificeerd als voornaamste bron en de genomen maatregelen bleken effectief. In 2025 zijn de PFOS-concentraties over het algemeen terug gedaald naar de niveaus van 2022.
Ultrafijn stof hoger dichtbij de luchthaven
In samenwerking met Brussels Airport Company meet de VMM in de omgeving van de luchthaven van Zaventem de concentratie ultrafijn stof (UFP). Die concentratie ligt doorgaans hoger dan op een stedelijke achtergrondlocatie zoals Borgerhout. In 2025 lag iets meer dan de helft van de UFP-daggemiddelden nabij de luchthaven boven de 10.000 deeltjes/cm³, een niveau dat de Wereldgezondheidsorganisatie (WGO) als hoog beschouwt.
Het meetstation ligt ten noordoosten van de luchthaven. Bij minder zuidwestenwind - zoals in 2025 - waait er minder lucht vanuit de richting van de luchthaven naar het station toe, waardoor de gemeten concentraties wat lager uitvielen dan in andere jaren.
Screening verbrandingsinstallaties voor niet-verontreinigd houtafval
In 2025 voerde de VMM een screening uit van de sector houtverbrandingsinstallaties door meetcampagnes uit te voeren rond een aantal bedrijven die niet-verontreinigd houtafval verbranden voor verschillende doeleinden (verwarmen van gebouwen of serres, productie van stoom, drogen van hout ).Uit de omgevingsmetingen bleek dat geen Europese of Vlaamse doelstellingen voor luchtkwaliteit overschreden werden en dat lokale bijdrages beperkt waren. Er waren dus geen redenen om verdere stappen te ondernemen of extra voorwaarden op te leggen aan deze sector.
Positieve resultaten voor monitoring dioxines en PCB’s bij shredders
In samenwerking met sectorfederatie Denuo en de bedrijven meten we, volgens het Actieplan Dioxines/PCB’s, sinds 2024 dioxines en dioxineachtige PCB’s in neervallend stof nabij de 11 grootste schrootbedrijven met shredderinstallatie in Vlaanderen. Op vier van deze meetplaatsen (Kallo, Lommel, Willebroek en Zutendaal) werd de jaardrempel in 2025 overschreden, vooral door te hoge PCB-waarden (uitzondering: Lommel). Deze bedrijven moeten acties ondernemen zodat de deposities dalen. Ook op twee van de zes meetlocaties die niet bij schrootbedrijven liggen (Gistel en Wielsbeke), werd de jaardrempel overschreden. Dit kwam door verhoogde PCB-waarden in Gistel en door verhoogde dioxinewaarden in Wielsbeke. Hier zijn we samen met de lokale besturen en andere Vlaamse overheidsinstanties nog op zoek naar de mogelijke oorzaken.