Verkennende studie naar ultrakorteketen PFAS in Vlaanderen
Uitgave 22-01-2026 – De VMM heeft, in samenwerking met Arche Consulting, een eerste verkennende studie uitgevoerd naar de aanwezigheid en verspreiding van ultrakorteketen PFAS (ukPFAS) in afvalwater, oppervlaktewater en grondwater in Vlaanderen. Deze studie vormt een belangrijke eerste stap in het in kaart brengen van deze stoffen in het water.
Doel van de studie
De verkennende studie past binnen het Actieplan Zorgwekkende Stoffen van de Vlaamse overheid. De resultaten moeten helpen om de aanwezigheid, spreiding en mogelijke bronnen van ukPFAS in Vlaanderen beter te begrijpen. Ze vormen tegelijk een basis om toekomstige monitoring, acties en maatregelen te prioriteren.
Belangrijkste bevindingen
Uit de eerste analyses blijkt dat ukPFAS zoals TFA (trifluorazijnzuur) wijdverspreid voorkomen in Vlaamse waterlopen. De resultaten moeten echter voorzichtig geïnterpreteerd worden, omdat de huidige analysetechnieken – zeker voor stoffen zoals TFA - nog niet altijd gevoelig genoeg zijn om lage concentraties betrouwbaar te meten. Verdere methodologische verfijning is daarom noodzakelijk. Bovendien zijn ook het aantal metingen en meetplaatsen in dit onderzoek vrij beperkt.
Wat is TFA?
Trifluorazijnzuur (TFA) is een zeer persistente en mobiele ultrakorteketen PFAS die al langere tijd in het milieu aanwezig is, maar waarvan pas sinds 2024 de eerste metingen in water worden uitgevoerd. De waarden die nu verschijnen in deze verkennende studie, zijn dus slechts een eerste indicatie van de werkelijke verspreiding.
TFA wordt aangetroffen in oppervlaktewater, afvalwater én grondwater, zowel in Vlaanderen als in de rest van Europa. TFA wordt gebruikt als hulpstof en oplosmiddel in industriële processen en is ook gekend als afbraakproduct van lange keten PFAS zoals fluorhoudende medicijnen, pesticiden en koelmiddelen.
Vergelijking met buurlanden en andere Europese landen
Een vergelijking met buurlanden is moeilijk omdat teststrategieën en doelen sterk verschillen. In de verkenning hebben we alvast in Europa geen onderzoek aangetroffen met een ruimere meetset dan deze gebruikt in dit Vlaams onderzoek. Het verkennend onderzoek dat nu wordt gepubliceerd kan dus ook waardevolle informatie opleveren voor buitenlandse onderzoekers en als referentie dienen.
Milieurisico’s
De studie had niet tot doel meer inzicht te verwerven in de risico’s van deze stoffen, wel in de verspreiding ervan. De wetenschappelijke kennis over de milieurisico’s is nog in volle opbouw, maar wat vandaag bekend is, wijst op een relatief lage toxiciteit. TFA heeft een RPF‑factor (relatieve potentiefactor) van 0,002 (uitgedrukt in PFOA-equivalenten), wat betekent dat het ongeveer 500 keer minder toxisch is dan PFOA (perfluoroctaanzuur). Bioaccumulatie lijkt voorlopig beperkt.
De hoge gemeten waarden verdienen wel aandacht, maar zijn niet te vergelijken met de risico’s en normoverschrijdingen die aanleiding gaven tot strenge maatregelen in dossiers zoals dat van 3M.
Vervolgstappen en Europese verplichtingen
Vanaf 2026 worden ukPFAS opgenomen in het meerjarenprogramma van het reguliere meetnet water van de VMM. Hierdoor zullen de volgende jaren systematisch stalen worden genomen in oppervlaktewater en afvalwater. Dat zal een vollediger beeld opleveren van de verspreiding, evolutie en seizoensinvloeden. Deze bevindingen kunnen de verdere beleidsontwikkeling ondersteunen.
De Europese kaderrichtlijn Water (KRW) bepaalt bovendien dat TFA vanaf eind 2027 verplicht moet worden opgenomen in de systematische monitoring van oppervlaktewater. Dankzij deze verkennende studie loopt Vlaanderen dus vooruit op de Europese verplichtingen.
