
In 7 stappen met je gemeente naar een vrije zwemzone
Zwemmen in open water zit in de lift. In heel Europa herontdekken steden en gemeenten hun meren, rivieren en kanalen als plekken voor ontmoeting, ontspanning en verkoeling. In Vlaanderen begeleiden we lokale besturen van het initiële idee tot de realisatie.
Ruimte voor waterplezier
Een vrije zwemzone is geen klassiek openluchtzwembad; het is een plek waar mensen zonder toezicht, maar met duidelijke afspraken en goede informatie, kunnen zwemmen op eigen verantwoordelijkheid en zonder redders. Dat vraagt om doordachte keuzes, samenwerking en heldere communicatie.
Vrije zwemzones zijn meer dan een plek om af te koelen. Ze versterken welzijn, gezondheid, verbondenheid en de band met water en natuur. Met een doordachte aanpak, goede samenwerking en duidelijke communicatie realiseren lokale besturen een veilige én inspirerende zwemplek. In zeven stappen zetten we lokale besturen op weg naar een vrije zwemzone.
Stap 1: Kies een plek waar water en mensen samenkomen
Elke vrije zwemzone begint bij een locatie. Vaak is die er al: een plek waar vandaag al spontaan wordt gezwommen, een vraag die leeft bij inwoners of sporters, of een zone met zichtbaar potentieel.
Kies een wateroppervlak dat geschikt is om veilig te zwemmen en denk breder dan de kaart alleen. Hoe bereikbaar is het? Wat leeft er al? Wie gebruikt het water vandaag? Richt nu een werkgroep op met onder andere de sportdienst, milieudienst, politie en brandweer. Zo gebruik je lokale kennis van dag één en creëer je meteen draagvlak.
Stap 2: Verken de locatie grondig
Ga de haalbaarheid na van de locatie die je op het oog hebt. Breng alle relevante aspecten van de locatie in kaart: ligging, omgeving, waterkwaliteit, veiligheid, natuurwaarden en mogelijke knelpunten. Door de 'screening plaatsbepaling' samen in te vullen met betrokken diensten en partners, ontstaat een gedeeld beeld van kansen en aandachtspunten. Zo leg je een stevige inhoudelijke basis voor een gemotiveerde beslissing.
Stap 3: Ga in overleg met beheerders en betrokkenen
Wordt het water niet beheerd door de gemeente zelf, dan is overleg met de waterbeheerder onmisbaar. Denk aan De Vlaamse Waterweg, de VMM, Agentschap voor Natuur en Bos (ANB), de provincie of een private eigenaar. De screening van stap 2 helpt om dat gesprek concreet en efficiënt te voeren.
Daarnaast is het belangrijk om ook andere betrokkenen te betrekken: buurtbewoners, verenigingen en bestaande gebruikers van het water. Heldere communicatie in deze fase zorgt voor begrip, realistische verwachtingen en vaak ook waardevolle lokale input. Ligt de locatie in of nabij een beschermd natuurgebied, dan is afstemming met ANB onmisbaar.
Stap 4: Werk een doordachte risicobeoordeling uit
Veiligheid staat centraal, ook – en zeker– bij zwemmen zonder toezicht. Daarom is een plaatsspecifieke risicobeoordeling verplicht. Die brengt de belangrijkste risico’s rond waterkwaliteit, veiligheid en hygiëne in kaart en bepaalt welke maatregelen nodig zijn.
De risicobeoordeling vertrekt van een terreinbezoek: kijken met de ogen van een zwemmer. Hoe ga je het water in en uit? Wat gebeurt er bij drukte, slecht weer of na hevige regen? Op basis van een realistische analyse kan je proportionele maatregelen bepalen. Niet elk risico moet tot nul herleid worden, wél beheerst en gecommuniceerd.
Stap 5: Administratieve stappen
De bevoegde waterbeheerder moet zijn toestemming geven. Daarnaast vraagt de exploitatie van een vrije zwemzone vraagt geen zware vergunning, wel een klasse 3‑melding via het Omgevingsloket en een risicobeoordeling die goedgekeurd wordt door het Departement Zorg. En finaal moet het college van burgemeester en schepenen goedkeuring geven. Daarna kan de zone open.
Stap 6: Organiseer de exploitatie slim en realistisch
Belangrijke keuzes volgen nu: waar komt het infobord en de reddingsboei? Zijn er extra afspraken nodig met hulpdiensten? Welke hygiënemaatregelen zijn aangewezen?
Essentieel hierbij is realisme. Veiligheid vraagt tijd, middelen en blijvende aandacht. Begin waar het kan, stuur bij waar nodig en blijf evalueren. Een vrije zwemzone mag groeien en evolueren.
Stap 7: Zet in op duidelijke en positieve communicatie
Goede communicatie maakt het verschil tussen verbodsborden en gedeelde verantwoordelijkheid. Ter plaatse is een infobord hét centrale instrument: helder, visueel en positief. Zwemmers vinden er informatie over waterkwaliteit, waar en wanneer zwemmen kan, gedragsregels en welke risico’s aandacht vragen.
Daarbuiten kan je via website, sociale media of gemeentelijk infomateriaal werken met adviezen in plaats van regels. Zo help je inwoners om zelf bewuste keuzes te maken, in lijn met het idee van de vrije zwemzone: vrijheid, met kennis van zaken.
Meer weten?
De 'Leidraad openwaterzwemmen' van het Departement Zorg zet stap voor stap alles op een rijtje: van de keuze van een potentiële locatie tot de exploitatie van een vrije zwemzone.
Wist je dat Sport Vlaanderen een subsidie voorziet voor kosten van het voorbereidend studiewerk en/of kosten bij de inrichting van een pop-up of permanente locatie voor openwaterzwemmen? Lees hier of je in aanmerking komt voor deze subsidie.